Een vol stroomnet, maar de VvE wil verduurzamen: wat kan er nog wél?

Uw VvE wil laadpalen plaatsen, de verwarmingsinstallatie elektrificeren of zonnepanelen uitbreiden. Maar dan blijkt dat het elektriciteitsnet in de regio tegen zijn grenzen aanloopt. Een zwaardere aansluiting of extra transportvermogen is niet direct beschikbaar. Betekent dit dat de verduurzamingsplannen de ijskast in moeten?

Niet noodzakelijk.

Netcongestie maakt verduurzaming ingewikkelder, maar dwingt VvE’s vooral om anders naar energie te kijken. Niet langer iedere installatie afzonderlijk aansluiten en ervan uitgaan dat het elektriciteitsnet altijd voldoende capaciteit levert, maar slimmer omgaan met het vermogen dat al beschikbaar is.

De centrale vraag wordt daarmee:

Hoeveel kunnen we verduurzamen binnen de bestaande elektrische ruimte van ons gebouw?

Netcongestie betekent niet dat er altijd te weinig stroom is

Bij netcongestie wordt vaak gedacht dat er simpelweg onvoldoende elektriciteit beschikbaar is.

In werkelijkheid draait het vooral om capaciteit op bepaalde momenten.

Het elektriciteitsnet moet op ieder moment voldoende ruimte hebben om alle gevraagde elektriciteit te transporteren. Wanneer veel bedrijven, woningen en installaties tegelijkertijd veel vermogen vragen of terugleveren, kunnen delen van het net hun maximale capaciteit bereiken.

Dat betekent niet dat het net 24 uur per dag volledig belast is.

En precies daarin liggen mogelijkheden voor slimmer energiegebruik.

Verbruik en vermogen zijn twee verschillende dingen

Voor VvE-besturen is dit onderscheid steeds belangrijker.

Energieverbruik geeft aan hoeveel elektriciteit gedurende een bepaalde periode wordt gebruikt en wordt uitgedrukt in kilowattuur (kWh).

Vermogen geeft aan hoeveel elektriciteit op één moment wordt gevraagd en wordt uitgedrukt in kilowatt (kW).

Een VvE kan dus relatief veel elektriciteit per jaar gebruiken zonder voortdurend een hoog vermogen nodig te hebben.

Andersom kunnen meerdere installaties die tegelijkertijd inschakelen een hoge vermogenspiek veroorzaken, terwijl het jaarlijkse verbruik helemaal niet uitzonderlijk hoog is.

Bij elektrificatie wordt daarom steeds belangrijker wanneer elektriciteit wordt gebruikt.

Eerst meten wat er werkelijk gebeurt

Voordat een VvE concludeert dat de bestaande aansluiting onvoldoende is, is het verstandig om het daadwerkelijke energieprofiel te onderzoeken.

Hoe zwaar wordt de aansluiting nu werkelijk belast?

Een appartementencomplex heeft bijvoorbeeld:

  • liften;
  • ventilatie;
  • pompen;
  • verlichting;
  • elektrische deuren;
  • een parkeergarage;
  • laadvoorzieningen;
  • mogelijk collectieve verwarmingsinstallaties.

Niet al deze installaties gebruiken tegelijkertijd hun maximale vermogen.

Met meetgegevens kan zichtbaar worden hoeveel ruimte er gedurende de dag nog binnen de bestaande aansluiting beschikbaar is.

Dat kan een heel ander beeld geven dan alleen het nominale vermogen van alle installaties bij elkaar optellen.

Laadpalen hoeven niet allemaal tegelijk op vol vermogen te laden

Laadvoorzieningen zijn een goed voorbeeld.

Stel dat een VvE twintig laadpunten wil plaatsen. Wanneer twintig auto’s tegelijkertijd op maximaal vermogen laden, ontstaat een forse piekbelasting.

Maar meestal hoeft dat helemaal niet.

Een auto staat in een wooncomplex vaak vele uren geparkeerd. Of de benodigde elektriciteit in één uur of verspreid over meerdere uren wordt geladen, maakt voor de automobilist soms weinig verschil.

Met load balancing kan het beschikbare vermogen dynamisch over de laadpunten worden verdeeld.

Wanneer het gebouw weinig elektriciteit gebruikt, kan meer vermogen naar de auto’s gaan. Neemt het gebouw tijdelijk meer vermogen af, dan kan het laadvermogen automatisch worden teruggeschroefd.

Zo kan een groter aantal laadpunten soms binnen een bestaande aansluiting worden ingepast.

Slim sturen wordt belangrijker dan steeds verzwaren

Jarenlang was een logische reactie op toenemend elektriciteitsgebruik:

we hebben meer vermogen nodig, dus we verzwaren de aansluiting.

Door netcongestie is die route niet meer overal vanzelfsprekend.

Daarom verschuift de aandacht naar een andere vraag:

kunnen we ons bestaande vermogen slimmer verdelen?

Installaties hoeven namelijk niet allemaal tegelijkertijd te draaien.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • laadpunten later op de avond meer vermogen geven;
  • elektrische boilers op gunstige momenten verwarmen;
  • bepaalde installaties buiten piekmomenten laten draaien;
  • batterijopslag inzetten bij vermogenspieken;
  • zonneproductie direct gebruiken wanneer deze beschikbaar is.

Het gebouw wordt daarmee actief aangestuurd in plaats van passief van elektriciteit voorzien.

Zonnepanelen kunnen helpen, maar lossen netcongestie niet automatisch op

Zonnepanelen produceren lokaal elektriciteit.

Wanneer die elektriciteit direct binnen het appartementencomplex wordt gebruikt, hoeft dat deel niet eerst van het openbare elektriciteitsnet te worden afgenomen.

Dat kan gunstig zijn.

Maar zonnepanelen produceren vooral midden op de dag, terwijl de grootste elektriciteitsvraag van een wooncomplex op andere momenten kan liggen.

Bovendien kunnen zonnepanelen juist veel elektriciteit terugleveren wanneer het gebouw weinig verbruikt.

Daarom is de combinatie van opwek én verbruik belangrijker dan alleen het aantal panelen op het dak.

Vanaf 2027, wanneer de salderingsregeling stopt, wordt direct eigen verbruik bovendien financieel belangrijker.

Gebruik zonnestroom wanneer deze beschikbaar is

Een volgende stap is daarom het verschuiven van energiegebruik naar momenten waarop het gebouw zelf elektriciteit produceert.

Stel dat de zonnepanelen tussen 11.00 en 15.00 uur veel elektriciteit leveren.

Dan kan het interessant zijn om juist in die periode:

  • auto’s te laden;
  • boilers te verwarmen;
  • een batterij op te laden;
  • regelbare installaties te laten draaien.

Daarmee wordt lokaal opgewekte elektriciteit direct lokaal gebruikt.

Dat vermindert zowel de afname van als de teruglevering aan het elektriciteitsnet.

Kan een batterij uitkomst bieden?

Een batterij kan onderdeel zijn van de oplossing, maar is niet automatisch de eerste stap.

Een batterij kan elektriciteit opslaan wanneer veel zonneproductie beschikbaar is en deze later weer afgeven.

Daarnaast kan opslag worden gebruikt om korte vermogenspieken af te vlakken.

Dat kan interessant zijn wanneer de aansluiting gedurende het grootste deel van de dag voldoende capaciteit heeft, maar op bepaalde momenten tegen zijn grens aanloopt.

Toch moet de businesscase zorgvuldig worden onderzocht.

Een batterij brengt immers ook investeringskosten, energieverliezen, technische eisen en onderhoud met zich mee.

Daarom is het meestal verstandig eerst te onderzoeken hoeveel winst met meten en slim sturen kan worden bereikt.

Pas daarna wordt duidelijk of opslag werkelijk toegevoegde waarde heeft.

Een HEMS kan alle onderdelen met elkaar verbinden

Wanneer een VvE zonnepanelen, laadpunten, een batterij en elektrische installaties heeft, ontstaat een steeds complexer energiesysteem.

Een energiemanagementsysteem kan deze onderdelen met elkaar verbinden.

Zo’n systeem kan bijvoorbeeld rekening houden met:

  • actueel gebouwverbruik;
  • zonneproductie;
  • beschikbare aansluitcapaciteit;
  • laadbehoefte van auto’s;
  • batterijcapaciteit;
  • energieprijzen.

Daarmee kan automatisch worden bepaald waar beschikbare elektriciteit op een bepaald moment het beste kan worden ingezet.

Het appartementengebouw gaat dan feitelijk functioneren als een klein lokaal energiesysteem.

Een warmtepomp vraagt om een bredere analyse

Ook bij het vervangen van een collectieve gasgestookte installatie door een warmtepomp is alleen kijken naar het jaarlijkse energieverbruik onvoldoende.

Een warmtepomp verlaagt het gasverbruik, maar verhoogt de elektriciteitsvraag.

Daarom moet vooraf worden onderzocht:

  • hoeveel elektrisch vermogen nodig is;
  • wanneer dat vermogen wordt gevraagd;
  • welke capaciteit al beschikbaar is;
  • welke andere elektrische installaties aanwezig zijn;
  • welke toekomstige uitbreidingen worden verwacht.

Wanneer tegelijkertijd ook laadpunten en zonnepanelen worden gepland, moeten deze eigenlijk in dezelfde vermogensanalyse worden meegenomen.

Anders bestaat het risico dat iedere maatregel afzonderlijk wordt ontworpen terwijl ze uiteindelijk allemaal gebruikmaken van dezelfde aansluiting.

Verduurzaming faseren kan slimmer zijn dan wachten

Netcongestie hoeft ook niet te betekenen dat een volledig verduurzamingsplan wordt uitgesteld.

Een VvE kan maatregelen gefaseerd uitvoeren.

Bijvoorbeeld:

Fase 1: energieverbruik meten en inzicht krijgen in piekbelasting.

Fase 2: ledverlichting en andere besparingsmaatregelen uitvoeren.

Fase 3: zonnepanelen plaatsen en direct eigen verbruik optimaliseren.

Fase 4: laadpunten met dynamische load balancing toevoegen.

Fase 5: verdere elektrificatie of batterijopslag onderzoeken.

Door maatregelen in een logische volgorde uit te voeren, kan de beschikbare capaciteit efficiënter worden gebruikt.

Soms creëert een besparingsmaatregel zelfs elektrische ruimte voor een volgende verduurzamingsstap.

Kijk ook naar de bestaande aansluiting

Een VvE weet niet altijd precies welke elektriciteitsaansluiting aanwezig is en hoeveel vermogen daadwerkelijk beschikbaar is.

Dat is begrijpelijk. Jarenlang was dit voor veel besturen nauwelijks een onderwerp.

Door elektrificatie verandert dat.

Breng daarom in kaart:

  • welk type aansluiting aanwezig is;
  • welke capaciteit beschikbaar is;
  • welk vermogen werkelijk wordt gebruikt;
  • welke pieken optreden;
  • welke toekomstige installaties worden verwacht;
  • of uitbreiding van vermogen mogelijk is.

Pas daarna kan goed worden beoordeeld waar werkelijk een beperking zit.

Netcongestie maakt een meerjarenplan belangrijker

Een laadinstallatie die vandaag binnen de aansluiting past, kan over drie jaar concurreren met een nieuwe warmtepomp om dezelfde capaciteit.

Daarom is het riskant om alleen naar de eerstvolgende maatregel te kijken.

Stel dat een VvE de komende vijf jaar plannen heeft voor:

  • 30 laadpunten;
  • zonnepanelen;
  • een warmtepomp;
  • elektrisch warm water;
  • batterijopslag.

Dan moet niet alleen worden bekeken of de eerste tien laadpunten nu aangesloten kunnen worden.

De interessantere vraag is:

hoe ziet het totale elektrische energieprofiel van dit gebouw er over vijf jaar uit?

Van MJOP naar energie- en vermogensplanning

Traditioneel richt het MJOP zich vooral op onderhoud en vervanging.

Dakbedekking over acht jaar. Liftmodernisering over vijf jaar. Schilderwerk over drie jaar.

Maar wanneer steeds meer gebouwinstallaties elektrisch worden, ontstaat daarnaast behoefte aan energie- en vermogensplanning.

Een lift, warmtepomp, laadinstallatie, zonnepanelen en batterij zijn technisch verschillende systemen, maar energetisch delen ze dezelfde infrastructuur.

Daarom moeten VvE’s verduurzaming, onderhoud en energie steeds meer in samenhang bekijken.

Wat kan uw VvE vandaag al doen?

Ook wanneer extra netcapaciteit voorlopig niet beschikbaar is, kan een VvE dus al verschillende stappen zetten:

  1. breng de huidige aansluiting in kaart;
  2. analyseer het werkelijke elektriciteitsverbruik;
  3. onderzoek de piekbelasting;
  4. inventariseer toekomstige elektrische installaties;
  5. kijk welke belasting flexibel kan worden aangestuurd;
  6. combineer zonnepanelen met direct eigen verbruik;
  7. gebruik load balancing bij laadvoorzieningen;
  8. onderzoek pas daarna of batterijopslag toegevoegde waarde heeft;
  9. maak een meerjarige energie- en vermogensplanning.

Daarmee verandert netcongestie van een simpele “kan niet” in een technisch vraagstuk waarop vaak meerdere antwoorden mogelijk zijn.

Niet wachten op het net, maar slimmer omgaan met energie

Netcongestie is een serieuze beperking voor de energietransitie. Zeker voor VvE’s die de komende jaren steeds meer installaties willen elektrificeren.

Maar een vol stroomnet betekent niet automatisch dat verduurzaming moet stoppen.

Juist nu wordt het belangrijk om energieverbruik, vermogen, zonnepanelen, laadvoorzieningen, opslag en gebouwinstallaties als één geheel te bekijken. Hoe beter een VvE haar eigen energieprofiel kent en kan sturen, hoe meer er mogelijk kan zijn binnen de capaciteit die al beschikbaar is.

VvE Energie helpt VvE’s om energie niet als een verzameling losse maatregelen te benaderen, maar als onderdeel van een toekomstbestendig energiebeleid voor het gehele appartementencomplex.

Wilt u weten welke onderwerpen daarbij een rol spelen? In onze Nota Energiebeleid voor VvE’s zetten we de belangrijkste aandachtspunten en keuzes overzichtelijk voor u op een rij. U kunt de Nota Energiebeleid hier kosteloos downloaden.