Kan een VvE zonnepanelen plaatsen?

Veel Verenigingen van Eigenaars (VvE’s) beschikken over een groot gezamenlijk dak. Dat maakt zonnepanelen interessant, bijvoorbeeld voor het elektriciteitsgebruik van gemeenschappelijke voorzieningen of als onderdeel van een breder verduurzamingsplan.

Maar bij een appartementencomplex is zonnepanelen plaatsen minder eenvoudig dan bij een eengezinswoning.

Van wie is het dak? Wie betaalt de installatie? Waar wordt de opgewekte elektriciteit voor gebruikt? Hoe wordt het voordeel verdeeld? En wat gebeurt er als het dak over enkele jaren vervangen moet worden?

Het korte antwoord: een VvE kan zonnepanelen op het gemeenschappelijke dak plaatsen wanneer het gebouw technisch geschikt is en de VvE daar volgens de geldende regels correct over besluit. De beste oplossing hangt af van het beschikbare dakoppervlak, het elektriciteitsgebruik, de dakconstructie, de onderhoudsplanning en de manier waarop de opgewekte stroom wordt gebruikt.

Daarom begint een goed zonnepanelenplan niet met het maximale aantal panelen dat op het dak past.

Van wie is het dak van een appartementencomplex?

Bij veel VvE’s behoort het dak tot de gemeenschappelijke delen van het gebouw.

Dat betekent dat een individuele appartementseigenaar niet zomaar zelfstandig een deel van het dak kan gebruiken voor zonnepanelen.

De exacte situatie wordt bepaald door de splitsingsakte en het toepasselijke splitsingsreglement.

Daarin staat welke onderdelen gemeenschappelijk zijn en welke tot een individueel appartementsrecht behoren.

Controleer daarom eerst wie juridisch verantwoordelijk is voor het dak en wie over het gebruik ervan mag beslissen.

Waar kan een VvE de opgewekte stroom voor gebruiken?

Een belangrijke eerste keuze is waarvoor de zonnepanelen worden geplaatst.

Een VvE gebruikt zelf vaak elektriciteit voor gemeenschappelijke voorzieningen.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • verlichting in gangen en trappenhuizen;
  • liften;
  • ventilatiesystemen;
  • pompen;
  • parkeergarages;
  • toegangssystemen;
  • andere collectieve installaties.

Zonnepanelen kunnen worden ingezet om een deel van dit gezamenlijke elektriciteitsgebruik op te wekken.

Dat is vaak overzichtelijker dan een systeem waarbij de opbrengst over individuele woningen moet worden verdeeld.

Kunnen zonnepanelen ook stroom leveren aan individuele appartementen?

Technisch zijn verschillende constructies denkbaar, maar bij een appartementencomplex wordt de organisatie dan snel complexer.

De woningen beschikken doorgaans over individuele elektriciteitsaansluitingen en meters. Het dak is tegelijkertijd gemeenschappelijk.

Daardoor moet goed worden uitgewerkt wie investeert, wie eigenaar wordt van de installatie, hoe de elektriciteit wordt gebruikt en hoe financiële voordelen tussen eigenaren worden verdeeld.

De technisch meest uitgebreide oplossing is daarom niet automatisch de beste oplossing voor de VvE.

Een eenvoudige, uitlegbare constructie kan in de praktijk waardevoller zijn dan een ingewikkeld systeem waarmee ieder beschikbaar stukje dak wordt benut.

Is ieder VvE-dak geschikt voor zonnepanelen?

Nee.

Voordat panelen worden geplaatst, moet worden onderzocht of het dak technisch geschikt is.

Daarbij spelen onder andere de constructie, beschikbare ruimte, oriëntatie, hellingshoek, schaduw en aanwezigheid van installaties een rol.

Ook moet voldoende ruimte beschikbaar blijven voor onderhoud en veilige toegang tot het dak.

Bij platte daken moet daarnaast rekening worden gehouden met de belasting van de constructie en de manier waarop de zonnepanelen worden opgesteld.

Daarom hoort een technische beoordeling bij de voorbereiding.

Controleer eerst de staat van het dak

Dit is voor VvE’s misschien wel het belangrijkste aandachtspunt.

Stel dat een VvE vandaag zonnepanelen laat plaatsen terwijl uit het MJOP blijkt dat de dakbedekking over drie jaar vervangen moet worden.

Dan moeten de zonnepanelen mogelijk binnen korte tijd weer worden verwijderd en later opnieuw worden geplaatst.

Dat brengt extra kosten en werkzaamheden met zich mee.

Daarom geldt:

controleer vóór plaatsing van zonnepanelen altijd de resterende levensduur van het dak.

Wanneer groot dakonderhoud dichterbij komt, kan het verstandiger zijn om beide projecten te combineren.

Zonnepanelen en dakonderhoud combineren

Juist de combinatie met onderhoud kan interessant zijn.

Wanneer een dak toch wordt gerenoveerd, kan de VvE tegelijkertijd onderzoeken:

of aanvullende dakisolatie nodig is;

of de dakconstructie geschikt is voor zonnepanelen;

waar installaties en kabelroutes kunnen komen;

en hoeveel dakoppervlak beschikbaar blijft.

Zo kunnen verschillende verduurzamingsmaatregelen als één samenhangend project worden voorbereid.

In plaats van:

eerst zonnepanelen → later dakonderhoud → panelen verwijderen → dak vernieuwen → panelen terugplaatsen

kan de VvE kiezen voor:

dakonderhoud + isolatie + voorbereiding + zonnepanelen.

Dat is precies waarom het MJOP zo belangrijk is bij verduurzaming.

Hoeveel zonnepanelen heeft een VvE nodig?

Het maximale aantal panelen dat op het dak past is niet automatisch het optimale aantal.

Eerst moet worden gekeken naar het doel van de installatie.

Wil de VvE vooral het elektriciteitsgebruik van de gemeenschappelijke voorzieningen afdekken?

Dan is het logisch om dat verbruik eerst in kaart te brengen.

Hoeveel elektriciteit gebruikt de VvE jaarlijks? Op welke momenten wordt die stroom gebruikt? En hoeveel elektriciteit kan een installatie op het betreffende dak naar verwachting produceren?

Daarna kan een passende installatie worden ontworpen.

Is een zo groot mogelijke installatie altijd beter?

Niet noodzakelijk.

De waarde van zelf opgewekte elektriciteit hangt mede af van de manier waarop de stroom wordt gebruikt en verrekend.

Ook regelgeving rondom teruglevering en elektriciteitscontracten kan veranderen.

Daarom is het verstandig een investering niet uitsluitend te baseren op de gedachte dat iedere opgewekte kilowattuur altijd dezelfde financiële waarde houdt.

Eigen verbruik, toekomstige elektriciteitsvraag en de technische levensduur van de installatie zijn minstens zo belangrijk.

Denk ook aan toekomstig elektriciteitsgebruik

Het huidige stroomverbruik van de VvE vertelt niet altijd het hele verhaal.

Het gebouw kan de komende jaren verder elektrificeren.

Misschien komen er laadvoorzieningen voor elektrische auto’s. Misschien worden collectieve installaties aangepast. Of wordt in de toekomst een andere warmtevoorziening onderzocht waarbij meer elektriciteit nodig is.

Daarom kan het verstandig zijn niet alleen naar het verbruik van vandaag te kijken, maar ook naar het verwachte energiegebruik van morgen.

Kunnen zonnepanelen gecombineerd worden met laadpalen?

Dat kan interessant zijn, maar zonnepanelen en laadvoorzieningen vormen technisch niet automatisch één systeem.

De VvE moet kijken naar de elektrische infrastructuur van het gebouw, beschikbare netcapaciteit, aansluitingen en de momenten waarop elektriciteit wordt opgewekt en gebruikt.

Bij grotere plannen kan energiemanagement daarom steeds belangrijker worden.

Zeker wanneer zonnepanelen, laadpunten en andere elektrische installaties binnen hetzelfde complex worden gecombineerd.

Heeft een VvE een thuisbatterij of buurtbatterij nodig?

Niet automatisch.

Een batterij klinkt aantrekkelijk omdat zonnestroom daarmee tijdelijk kan worden opgeslagen, maar opslag brengt ook extra kosten, techniek en veiligheidsvraagstukken met zich mee.

Eerst moet duidelijk zijn hoeveel elektriciteit wordt opgewekt, hoeveel direct binnen het gebouw kan worden gebruikt en welk probleem een batterij precies moet oplossen.

Pas daarna kan worden beoordeeld of energieopslag technisch en financieel zinvol is.

Een batterij is dus geen standaardonderdeel van een zonnepanelenproject.

Moet de ALV besluiten over zonnepanelen?

Wanneer zonnepanelen op een gemeenschappelijk dak worden geplaatst en vanuit de VvE worden gefinancierd, zal daarvoor besluitvorming binnen de VvE nodig zijn.

Welke meerderheid en procedure vereist zijn, hangt onder andere af van de splitsingsakte, het toepasselijke reglement en de precieze aard van het voorstel.

Zorg daarom dat vóór de stemming duidelijk is:

wat er wordt geplaatst;

waar de installatie komt;

wat deze kost;

hoe deze wordt gefinancierd;

waarvoor de opgewekte elektriciteit wordt gebruikt;

en wie verantwoordelijk is voor beheer en onderhoud.

Een concreet voorstel is veel gemakkelijker te beoordelen dan alleen de vraag: “Willen we zonnepanelen?”

Hoe worden zonnepanelen betaald?

De VvE kan verschillende mogelijkheden onderzoeken.

Afhankelijk van de financiële situatie kan een investering bijvoorbeeld geheel of gedeeltelijk uit beschikbare middelen worden betaald of onderdeel worden van een breder verduurzamings- en financieringsplan.

Wanneer tegelijkertijd dakonderhoud of isolatie wordt uitgevoerd, is het belangrijk de verschillende onderdelen financieel van elkaar te onderscheiden.

Zo blijft zichtbaar welk bedrag betrekking heeft op noodzakelijk onderhoud en welk bedrag op aanvullende verduurzaming.

Zijn er subsidies voor zonnepanelen bij een VvE?

Subsidieregelingen en fiscale of financiële voorwaarden rondom duurzame energie kunnen veranderen.

Daarom is het niet verstandig om een zonnepanelenproject te baseren op verouderde subsidiebedragen of regelingen.

Controleer tijdens de voorbereiding welke actuele ondersteuning beschikbaar is en aan welke voorwaarden het project moet voldoen.

Kijk daarbij niet alleen naar zonnepanelen afzonderlijk.

Wanneer het project onderdeel is van een bredere verduurzaming met bijvoorbeeld dakisolatie of andere maatregelen, kunnen daarvoor andere regelingen relevant zijn.

Hoe lang gaan zonnepanelen mee?

Zonnepanelen zijn bedoeld voor langdurig gebruik, maar de installatie bestaat uit meer dan alleen de panelen.

Ook omvormers, bekabeling, bevestigingsmaterialen en andere componenten vragen aandacht en kunnen tijdens de levensduur onderhoud of vervanging nodig hebben.

Een VvE doet er daarom verstandig aan ook het toekomstige beheer van de installatie mee te nemen.

Wie controleert de installatie? Wie handelt storingen af? Welke onderdelen moeten mogelijk eerder worden vervangen dan de panelen zelf?

Die toekomstige kosten horen uiteindelijk ook thuis in de onderhoudsplanning.

Neem zonnepanelen op in het MJOP of DMJOP

Wanneer zonnepanelen eenmaal onderdeel zijn van het gebouw, moeten ze ook onderdeel worden van het beheer ervan.

Daarom is het verstandig inspectie, onderhoud en toekomstige vervanging op te nemen in het MJOP of DMJOP.

Dat voorkomt dat de VvE vandaag investeert in verduurzaming zonder geld te reserveren voor de toekomstige instandhouding ervan.

Een duurzaam gebouw heeft immers óók onderhoud nodig.

Zijn zonnepanelen de eerste verduurzamingsmaatregel voor een VvE?

Niet per definitie.

Zonnepanelen zijn zichtbaar en relatief gemakkelijk te begrijpen. Daardoor komen ze vaak vroeg op tafel.

Maar bij een slecht geïsoleerd gebouw met groot onderhoud in aantocht kunnen andere maatregelen veel belangrijker zijn.

De juiste volgorde wordt bepaald door het gebouw.

Daarom is een verstandige vraag niet:

“Kunnen we zonnepanelen op ons dak leggen?”

maar:

“Welke rol kunnen zonnepanelen spelen binnen het totale verduurzamingsplan van ons gebouw?”

Eerst het dak, dan de panelen

Voor een VvE begint een goed zonnepanelenproject daarom bij de basis.

Controleer de eigendomssituatie, technische staat van het dak, resterende levensduur, constructieve mogelijkheden, elektriciteitsgebruik en toekomstige energieplannen.

Pas daarna wordt bepaald hoeveel zonnepanelen logisch zijn en hoe de investering wordt georganiseerd.

VvEenergie helpt VvE’s om zonnepanelen niet als los product te bekijken, maar als onderdeel van de totale verduurzamingsstrategie.

Want een vol dak is niet het doel. Een technisch en financieel toekomstbestendig gebouw is dat wel.